|








|
|
Scheidt, óók leerling van Sweelinck
Scheidt, Samuel (Halle ged. 3 nov. 1587 – aldaar 24
maart 1654)
Duits componist, studeerde waarschijnlijk van 1607 (?)
tot 1609 bij J.P. Sweelinck te Amsterdam en
werd in 1609 organist te Halle. In 1619 of 1620 werd hij bovendien
hofkapelmeester. Aan zijn twee functies kwam een einde in 1625, toen
Halle betrokken raakte in de Dertigjarige Oorlog. In 1628 benoemde het
stadsbestuur hem tot director musices en kreeg hij de
verantwoordelijkheid voor de kerkmuziek in de belangrijkste kerk van de
stad (tot 1630). Van 1630 tot 1638 vervulde Scheidt geen officiële
functie. In 1638 benoemde de hertog August van Saksen hem opnieuw tot
hofkapelmeester.
Invloeden van Sweelinck, zoals een voorliefde voor de
variatievorm en het contrapunt, zijn in zijn werk duidelijk aanwezig. In
zijn orgelwerken nemen koraalbewerkingen een belangrijke plaats in.
Scheidt wordt met andere Sweelinck-leerlingen, zoals
Scheidemann, wel gerekend tot de
vertegenwoordigers van de Noord-Duitse orgelschool, maar zijn muziek is
rationeler en minder virtuoos en contrastrijk. Naast orgelwerken en
andere klaviermuziek componeerde hij veel vocale kerkmuziek,
gedeeltelijk met alleen continuobegeleiding, maar daarnaast ook met
gebruikmaking van blaas- en strijkinstrumenten. Hij was bovendien een
gezien deskundige op het gebied van orgelbouw en had veel leerlingen,
waarvan Adam Krieger de bekendste is.
Samuel Scheidts jongere broers Gottfried (1593–1661) en Christian
(1600–?) waren eveneens componist.
WERK
Cantiones sacrae (1620); Concertus sacri (1621);
Tabulatura nova (1624); Görlitzer Tabulaturbuch (1650).
UITG
Verz. wrk., d. G. Harms en Ch. Mahrenholz (1923 vv.);
Das Görlitzer Tabulaturbuch, d. Fr. Dietrich (1940).
Krieger Scheidemann
Sweelinck
|